Categorie archief: Media-aandacht

HANDSCHRIFTEN VAN HANNS EISLER ONTDEKT

In deze periode zendt VARA/BNN de documentaireserie ‘De strijd’ uit via NPO 2.
Daarin zien wij een aanleiding om dit artikel opnieuw onder de aandacht te brengen.
Het werd oorspronkelijk gepubliceerd in november 2012.

In de collectie van de Muziekbibliotheek van de Omroep zijn onlangs 18 arrangementen opgedoken die de Duitse componist Hanns Eisler (1898-1962) in de jaren ’30 schreef, onder andere voor het V.A.R.A.-ensemble De Flierefluiters. Een deel van deze werken is 24 oktober jl. uitgevoerd door het Metropole Orkest onder leiding van Werner Herbers en opgenomen in een van de studio’s van het Muziekcentrum van de Omroep, met vocale medewerking van Porgy Franssen.

Hanns Eisler
De handschriften van Eisler zijn arrangementen voor blaasinstrumenten, banjo, piano en slagwerk van strijdliederen als Volk, ontwaak!, de Achturenmarsch, de Internationale en het Marschlied der fabrieksarbeiders. Hanns Eisler – componist van o.a. opera’s, cabareteske liederen en muziek bij de theaterstukken van Bertolt Brecht – ontvluchtte zijn geboorteland nadat Hitler er in 1933 aan de macht kwam. Eisler bracht enkele malen een bezoek aan Hilversum en bekend is dat hij in april 1933 De Flierefluiters heeft gedirigeerd. Na 1933 werd het werk van Eisler door het nazibewind in de ban gedaan.
Eisler_Busch
Werner Herbers
‘Entartete’ muziek heeft de bijzondere belangstelling van hoboïst en dirigent Werner Herbers. Met zijn in 1990 opgerichte Ebony Band heeft hij zich toegelegd op muziek van onbekende en vergeten componisten uit de tijd tussen de twee wereldoorlogen, componisten die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen of componisten die gedwongen waren te emigreren. Werner Herbers reageerde direct enthousiast op de vraag van de Muziekbibliotheek en het Metropole Orkest om deze recent ontdekte muziek van Eisler te dirigeren.

VPRO: ‘Eisler in Nederland’
De Eisler-handschriften van de Muziekbibliotheek komen ter sprake in het VPRO-programma OVT op zondag 11 november.

> Luister naar de OVT-aflevering van de VPRO ‘Componeren voor de VARA: Hanns Eisler in Nederland.’ (vanaf 23’30”). Hierin zijn ook enkele opnamen te horen van het Metropole Orkest.
> Werner Herbers vertelt in Podium over de recent ontdekte handschriften van Hanns Eisler. (vanaf 35’20’’).

Meer informatie via de Facebook-pagina’s van de Muziekbibliotheek:
> Fotoreportage met o.a. Werner Herbers, Porgy Franssen en het Metropole Orkest

Muziekschatten van de Muziekbibliotheek
De enorme collectie van de Muziekbibliotheek van de Omroep is nog niet volledig in kaart gebracht. Sinds enkele jaren wordt vooral het ‘oude materiaal’ intensief bekeken, waarbij regelmatig bijzondere zaken worden ontdekt. Behalve honderden handgeschreven Nederlandse composities, hoorspelen etc. bevinden zich daar ook interessante werken van andere herkomst onder.

Acht van de Eisler-manuscripten zijn gedigitaliseerd. Bekijk ze hier.

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in november 2012 door de Muziekbibliotheek van de Omroep. De muziekbibliotheek is inmiddels ruim twee jaar gesloten.
Meer informatie in dit artikel.
Lees ook: Het Mariannelied

Een aan dit onderwerp gerelateerd artikel van Rutger Schoute in Het Parool (14 juni 1980).
Ernst_Busch_Schoute_Parool_14_6_1980

COLLECTIE LIGT TE VERPIETEREN IN HILVERSUM

HILVERSUM – “Wat een schitterend handschrift”, constateert Eric van Balkum als hij bladmuziek en tekst van het hoorspel ‘De prins die de hik had’ van componist Jurriaan Andriessen uit de zalmkleurige map haalt. Zijn oud-collega Jan Jaap Kassies somt direct op dat de tekst geschreven is door Alexander Pola. Dat deed hij toen hij 22 jaar was [gedoeld wordt op Andriessen, red. Muziekschatten]. “Allemaal kwaliteit”, voegt hij eraan toe. Het is een van de vele pareltjes die te vinden is in de gigantische omroepmuziekcollectie, die nu ligt te verpieteren in de kelder van het Muziekcentrum van de Omroep (MCO).
Van Balkum en Kassies in de kelderWandelende muziekencyclopedieën zijn het. De voormalige muziekbibliothecarissen pingpongen met informatie. De een noemt een naam van een componist en de ander dist direct meer informatie op, zoals andere werken van de componist, wat zijn vader allemaal gemaakt heeft of onder welk pseudoniem deze componist nog meer muziek heeft gemaakt. Het wemelt namelijk van de schuilnamen. Componisten, dirigenten en muzikanten die vroeger muziek schreven voor bijvoorbeeld de AVRO werkten ook wel voor de NCRV of de KRO, maar moesten dat dan wel onder een andere naam doen.

Haarlemmer Van Balkum en Amsterdammer Kassies zijn in de kelders van het MCO helemaal in hun element. Onbekend en bekend materiaal passeert de revue: van de Fabeltjeskrant tot aan ‘Een Beetje‘ waarmee Teddy Scholten het Songfestival won in 1959. Het gebouw aan de Heuvellaan is de plek waar zij beiden meer dan twintig jaar gewerkt hebben in de muziekbibliotheek. Daar werd alle bladmuziek die voor radio en televisie werd geschreven opgeslagen en beheerd. Er liggen werken die in de jaren 30 van de vorige eeuw gemaakt zijn. Het is een muzikale goudmijn binnen de gemeentegrenzen van Hilversum. Slechts weinigen weten van het bestaan van deze collectie. De muziekbibliotheek was dan ook niet openbaar, maar was bedoeld voor mensen van de omroepen.

“Het klopt aardig dat dit het best bewaarde geheim van Hilversum is”, stelt Van Balkum. “Zo rond 2006-2007 hebben we wel geprobeerd dat geheim te ontrafelen. We wilden het meer naar buiten brengen. Daarom zijn we bijvoorbeeld met de website www.muziekschatten.nl begonnen. Daar staan nu ongeveer 5000 stukken op van de half miljoen die hier in de kelder liggen”, is zijn vervolg. “Op ons gebied is dit de grootste bibliotheek van Nederland en wellicht zelfs van Europa.”

‘Op ons gebied is dit grootste bibliotheek van Nederland’

Zo’n 5 kilometer aan materiaal ligt er opgeslagen. Dat is in de afgelopen tachtig jaar verzameld. Klassieke muziek, radiotunes, bigband, mandoline-ensembles, Hawaï-orkesten, hoorspelen en zelfs NSB-liederen behoren onder andere tot de haast onuitputtelijke collectie. “In de Tweede Wereldoorlog zijn er inderdaad door de NSB liederen geschreven voor de radio”, meldt Kassies. “Ze hebben indertijd Joodse componisten verbannen, maar hebben er ook voor gezorgd dat de stukken in de bibliotheek zijn samengevoegd. Sommige stukken lagen wel op tien plekken opgeslagen. Dat vonden zij overbodig.”

Voor componisten was het schrijven van muziek voor de radio en televisie vaak een opstap naar een lange en succesvolle carrière. Ruud Bos, Tonny Eyk en Harry Bannink zijn op deze manier begonnen en verwierven later landelijke bekendheid. Wat er allemaal precies ligt, weet eigenlijk niemand. Veel van de collectie is niet gedigitaliseerd. Vanaf 1980 werd er geautomatiseerd. Toen de cd zijn intrede deed, werd het werk makkelijker. Veel van het materiaal van voor 1980 is niet gedigitaliseerd. Dat gebeurt ook niet meer, omdat de muziekbibliotheek wegens bezuinigingen tijdens Rutte I twee jaar geleden noodgedwongen de deuren moesten sluiten. Van Balkum en Kassies verloren hun baan, maar niet hun passie. Met muziekschatten.nl blijven zij aandacht vragen voor de werken en het Hilversumse en nationale erfgoed. Deze schat mag spreekwoordelijk niet zinken tot de bodem van de zee. Bewaren, digitaal ontsluiten en kennis delen zijn de hoofddoelen. “Het is een geweldige inspiratiebron”, menen de heren.
JanJaap_met_catalogusbakKassies duikt nog regelmatig de kelder in. Door het ontwikkelde systeem met kleuren, kaarten en mappen weet hij nog goed zijn weg te vinden in het archief. Wie de molens of lades met oude kaarten ziet, waant zich meteen ergens in de jaren 70 van de twintigste eeuw. Een tijd van ver voor de computer. Gevraagd of ongevraagd spit de Amsterdammer materiaal door. Dat doet hij voor muziekschatten, maar hij krijgt ook opdrachten om bijzondere partituren of stukken te vinden. En dat lukt. Zo heeft de muziekbibliothecaris bijvoorbeeld nog een musical die door Toon Hermans geschreven is naarboven gehaald. Soms vindt hij stukken die dan vervolgens door een orkest worden gespeeld. Een grote ontdekkingstocht vinden de twee dat. En de muziek horen in plaats van het te moeten lezen van papier zorgt voor aangename verrassingen. “Het is zo ontzettend leuk als je voor het eerst hoort hoe de muziek klinkt”, zegt Kassies bijna dromerig.mappen_detail

Met deskundig personeel kan het zo weer operationeel zijn.

In de afgelopen periode is een aantal mogelijkheden bekeken. Een deel van de collectie zou naar Den Haag, waar het ondergebracht zou worden bij het Nationaal Archief. Voorlopig is dat afgeketst. Ook van een samenwerking met Beeld en Geluid is vooralsnog niets gekomen. Nog altijd zijn zij hoopvol gestemd dat de collectie weer wordt beheerd en gedigitaliseerd. Hun hoop is mede gevestigd op de opmerking van wethouder Wimar Jaeger in de nieuwe cultuurnota Metrum, waarin staat dat het muziekarchief van de omroepen erfgoed is (zie voorpagina). “We hopen op een nieuwe wind”, aldus het bevlogen duo. “Alles hangt af van geld en goodwill. Maar alles kan zo weer operationeel zijn. Het enige dat je nodig hebt is deskundig personeel. Dit is echt heel specialistisch werk.”

Tekst: Ingmar Meijer
Foto’s: Bastiaan Miché
Bron: Hilversums Nieuws (20 augustus 2015)

Lees ook: Zorgen voor behoud MCO-collectie

MUZIEKSCHATTEN IN DE KELDER

In Nederlands Harp Bulletin (jrg. 8, nr. 1, voorjaar 2015) besteedt harpiste en redactielid Regina Ederveen uitgebreid aandacht aan de voormalige Muziekbibliotheek van de Omroep en haar collectie. Hieronder plaatsen we een paar citaten uit en een link naar haar volledige artikel.

Meer dan vijf kilometer aan bladmuziek ligt en staat er opgestapeld in de kelders onder het Muziekcentrum van de Omroep, aan de Heuvellaan 33 te Hilversum. Een enorme schat aan muzieknoten, die op het moment van schrijven van dit artikel, vanwege politieke stappen eigenlijk in het geheel niet meer beheerd kunnen worden. De medewerkers die jaren met liefde en vakkennis in de omroepmuziekbibliotheek werkten, zijn vanwege de bezuinigingen ontslagen. De kennis die nodig is om zo’n unieke schat aan bladmuziek te beheren, gaat op deze manier waarschijnlijk in heel rap tempo verloren. Een enorm verlies aan historie. Hieronder volgt achtergrondinformatie over de muziekschatten in de kelders van de Heuvellaan 33 te Hilversum. Met dank aan Jan Jaap Kassies, voormalig medewerker van de omroepmuziekbibliotheek.

(…)
Ensemble Barcarolle
Doordat er in het Hilversumse meerdere orkesten en ensembles jarenlang muziek hebben gemaakt in opdracht van de omroepverenigingen, ontstond er veel bladmuziek die sinds 1995 in de kelders op de Heuvellaan werd samengebracht. Aan deze ontwikkeling is een hele geschiedenis voorafgegaan.

(…)

In de toptijd (jaren ’50) waren gemiddeld 60 arrangeurs bezig om de bladmuziek uit te schrijven. Tussen 1940 en 1960 werd er nog steeds niet veel gebruik gemaakt van plaatjes. Ook handwerk op het gebied van bladmuziek uitschrijven bleef nog lang bestaan. Zelfs in 1987 liepen er nog een paar arrangeurs rond die met de hand de partijen overschreven. Dat waren soms enorme spoedklussen. Al dit soort muziek ligt in de kelders en voor 99% zijn deze stukken nooit uitgegeven.

(…)

Er was jarenlang een groot budget. Nieuwe uitgaven van uitgevers als Donemus, maar ook Schott, Breitkopf & Härtel, Boosey & Hawkes werden automatisch naar de omroepbibliotheek gestuurd. De filosofie van de omroep was: de programmamakers moeten alles kunnen inzien.
Muziekpresentator Han Reiziger (1934-2006) kon langs de uitleenbalie lopen met de vraag: ”Hebben jullie die nieuwe uitgave al van Hans Werner Henze?”

(…)

In 1980 is de omroepbibliotheek begonnen om de catalogus te automatiseren. Daarvóór maar af en toe ook daarna, werd er gebruik gemaakt van de kaartjes in rolkasten en lades. ”Doordat we enkele jaren geleden voor het digitaliseringsproject Muziekschatten de hele collectie hebben bekeken, zagen we pas echt wat we in huis hadden”, aldus Kassies. ”Kamermuziek, vocale muziek, hoorspelen, orkestmuziek etc. etc. We hebben daardoor vele onbekende stukken ontdekt.” De catalogus van deze muziek staat op de website www.mcomb.nl.

(…)

Helaas hebben de omroepmedewerkers het werk van de volledige digitalisering nooit af kunnen maken. Slechts een deel is gecatalogiseerd maar een groot deel is alleen te vinden via de kaartenbakken. De enigen die daar toegang toe hadden waren de bibliotheekmedewerkers. Wat er in de kelders van ‘Heuvellaan 33’ ligt, is een van de grootste collecties bladmuziek in Europa. Het was altijd al een ”gesloten opstelling”, met andere woorden, het publiek kon er niet rechtstreeks bij.

(…)

Er is gelukkig nog wel het een en ander toegankelijk. Voordat de opheffing in 2013 een feit was, zijn omroepbibliotheekmedewerkers een paar maanden bezig geweest om zo’n 5000 titels te selecteren en te laten scannen door een extern bedrijf [MicroFormat, red.]. Deze scans zijn voor iedereen gratis te downloaden van de website www.muziekschatten.nl. Ook Aubade van Jurriaan Andriessen (1925-1996), in 1961 opgedragen aan Rosa Spier, is hierop te vinden.

Op 26 oktober 2014 speelde Regina Ederveen Jurriaan Andriessens Aubade (1961) in het VPRO-televisieprogramma Vrije Geluiden. Lees er meer over in de blogbijdrage Jurriaan, Rosa, Regina en Melchior

LINKS:
* Werken voor harp solo op muziekschatten.nl
* Werken voor harp solo in de MCO-MB-catalogus

Download Regina Ederveens artikel

JURRIAAN ANDRIESSEN IN HILVERSUM

De componist Jurriaan Andriessen (1925-1996) genoot in de ca. 25 jaar na de Tweede Wereldoorlog een grote faam. De laatste kwarteeuw van zijn leven werd zijn naam aanzienlijk minder vaak gehoord.

Hij werd op 15 november 1925 in Haarlem geboren. Toen hij negen jaar was verhuisde het gezin Andriessen naar Utrecht, waar zijn vader, de componist Hendrik Andriessen, organist werd van de Utrechtse Kathedraal en directeur van het Utrechts Conservatorium. Als kind componeerde hij ijverig met zijn vader mee – in het gezin werd iedere vorm van muzikaliteit als een doodgewoon familieverschijnsel gezien.
Job Wilderbeek gaf hem zijn eerste muzieklessen, en op het Utrechts Conservatorium studeerde hij theorie en compositie bij zijn vader, piano bij Gerard Hengeveld en André Jurres en bij Willem van Otterloo directie.

Het voldoen aan ‘opdrachten’ was iets waarmee Jurriaan al vroeg vertrouwd raakte, want het huiselijk musiceren lokte vanzelf speelstof uit. In zijn conservatoriumjaren schreef hij al enkele stukken die hun weg naar het podium vonden, en kort na de Tweede Wereldoorlog kreeg hij zijn eerste opdracht bij ‘de radio’. In de jaren ’50 componeerde hij onder meer voor de KRO-kinderrubriek De Wigwam stukjes die hij uitvoerde met een ensemble van fluit, hobo, klarinet, fagot en harp, het Wigwamorkest genaamd. Ook was hij muzikaal leider van o.a. de ensembles Molte Corde, Ritme en Rijm en de Disco’s.

In diezelfde jaren was hij in Hilversum ook actief als jazzpianist, onder de naam Lesley Cool, meestal in comboverband, met gitaar, bas en slagwerk.

Jurriaan Andriessen schreef muziek bij ca. 20 hoorspelen, en – in opdracht van de Nederlandse Radio Unie – twee grote werken die speciaal voor radio-uitvoering bestemd waren: De Bremer Stadsmuzikanten op tekst van Hélène Nolthenius en de opera Perdita op een libretto van Tom Bouws.

Andriessen is altijd veel ‘toegepaste’ ofwel ‘gebruiksmuziek’ blijven schrijven. Zo componeerde hij ook veel toneelmuziek (vooral voor de Haagse Comedie). Hij regisseerde verder veel televisieconcerten.

In januari 1947 schreef hij voor de KRO-radio muziek bij De prins die de hik had, een hoorspel ‘naar een Engelsch sprookje van Anthony Armstrong voor de microfoon vrij bewerkt door Alexander Pola’. Hij voltooide de partituur op 27 januari, en een week later, op maandag 3 februari werd de opname gemaakt. De bezetting: fluit, hobo, klarinet, fagot, trompet, slagwerk, viool, altviool, cello en piano. Regisseur was Herbert Perquin. [Op 7 maart 1947 verscheen een recensie in De Waarheid, red.]Manuscript van 'De prins die de hik had'

Manuscript van ‘De prins die de hik had’

Op 17 mei zond het VPRO-tv-programma Vrije Geluiden delen uit van het hoorspel in een uitvoering van het Ad Hik Orkest olv Jeroen Wentel (met Steven Joles als verteller).

De prins die de hik had is één van de ca. 50 handgeschreven composities van Jurriaan Andriessen in de (per 1 augustus 2013 gesloten) Muziekbibliotheek van de Omroep (MB). Dit aantal betreft alleen de ‘klassieke’ stukken van zijn hand; naar schatting tussen de 100 en 200 titels in de collectie bevatten muziek die hij voor radioprogramma’s schreef/arrangeerde op het gebied van de lichte muziek en de jazz. Doordat veel werken na (radio)opname/uitvoering onuitgegeven bleven is zijn ‘officiële’ werkenlijst verre van volledig. Veel composities van hem zijn gepubliceerd, maar ook veel bleef handschrift. De geïnteresseerde lezer kan een indruk krijgen van zijn grote veelzijdigheid en productiviteit door deze link te volgen.

Op deze muziekschattensite is o.a. de Missa Deo gratias voor koor en orkest te vinden, maar ook Arbeid en Christendom, (orkest)muziek bij een klankbeeld van Tom Bouws (1957), De droom van Gerontius (1955, hoorspelmuziek voor koor en orkest), de Wilhelmus-Fantasie Een Prince van Oraengien voor 2 ‘kopergroepen’ met slagwerk, koor en orkest (gecomponeerd in opdracht van de NOS ter gelegenheid van het 25-jarig regeringsjubileum van Koningin Juliana in 1973), een Intrada voor 21 koperblazers, Variaties voor piano over Zie ginds komt de stoomboot (1951) èn de opera Kalchas, voor 3 mannenstemmen en orkest, naar een toneelstuk van Tsjechow (1959).

Bron: Wouter Paap – Jurriaan Andriessen (in: Mens en Melodie, jg. XIII, nr. 4 (1958), p. 98-103)

Jan Jaap Kassies

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op de MuDaKo-blogsite.

Lees ook: Jurriaan, Rosa, Regina en Melchior

JURRIAAN, ROSA, REGINA EN MELCHIOR

Het komt vaker voor: een scheepswrak op de zeebodem, een beeld van Rodin in het huis van een verzamelaar, een musical van Toon Hermans in een kast in een kelder… Als je weet waar je moet zoeken vind je vaak de mooiste zaken. Iets anders is het als iemand iets vindt waarvan hij weet dat het van belang is èn dat tenminste één ander weet dat het bestaat/bestaan heeft èn dat het voor anderen klaarblijkelijk niet (voldoende) ‘voor de hand ligt/heeft gelegen’ om ernaar op zoek te gaan.
Deze haast Cruijffiaanse constatering schiet me door het hoofd als ik terugdenk aan de ontstaansgeschiedenis van het item over c.q. naar aanleiding van het stuk Aubade van Jurriaan Andriessen, dat zondag a.s. te zien is in het tv-programma Vrije Geluiden.
Enige jaren geleden ging ik als medewerker van de Muziekbibliotheek van de Omroep steeds gerichter op zoek naar ‘bijzondere stukken’ in onze collectie. Ik liet duizenden items door mijn handen gaan ten behoeve van een selectie van werken die zouden worden gedigitaliseerd (zie deze website). Hierdoor stuitte ik op veel repertoire waarvan ik wist… (zie boven).
Eigenlijk is dit niet zo vreemd als men bedenkt dat het hier de verreweg grootste collectie bladmuziek van ons land betreft (kunt u zich iets voorstellen bij ‘5 kilometer bladmuziek’?). Deze is gedurende circa 80 jaar is opgebouwd met o.a. veel eenmalig voor radio- of televisie-uitzending gebruikt materiaal, uiteraard grotendeels van de hand van Nederlandse componisten. Tegelijk vormt de collectie een afspiegeling van het ‘omroepmuziekleven’ vanaf de beginjaren van de radio, zo’n 90 jaar geleden.

Aubade_Jurriaan_AndriessenToen de redactie van VPRO’s Vrije Geluiden mij verzocht om enige parels uit onze collectie te vissen, die geschikt zouden zijn voor uitvoering in het programma, was Aubade van Jurriaan Andriessen (1925-1996) een van de eerste werken die me te binnen schoten. In de collectie bevinden zich meer dan 100 handschriften van deze ondergewaardeerde componist (o.a. tientallen hoorspel-composities en vele jazztitels), èn ik las in het boek Weg van de harp, een biografie over Rosa Spier van Regina Ederveen een vermelding van het werk: het is geschreven ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van de indertijd vermaarde harpiste (7 november 1961).
Bekijk de uitzending (of in elk geval de eerste 10 minuten)

Het leek me een goed idee de auteur, zelf harpiste, te vragen het stuk ‘in de uitzending’ te spelen. Zij stemde toe, en dus wordt het handschrift van Jurriaan Andriessen zondag getoond, het stuk gespeeld  èn het bijbehorende ‘verhaal’ verteld in de uitzending.

Dit laatste is wat vrijwel voor de gehele collectie geldt: bij elk manuscript hoort een verhaal over de auteur, degene(n) voor wie het is geschreven, het programma waarin het een plaats kreeg etc.
De komende jaren zullen – na de Eisler-strijdliederen, werken van Herman Strategier en Marius Flothuis, het ‘vergeten’ pianoconcert van Hindemith-leerling Bernhard Heiden, talloze stukken voor jazzensemble van o.a. Otto Ketting, Theo Loevendie en Boy Edgar, honderden hoorspelen en herkenningsmelodieën – nog vele vondsten worden gedaan, en evenzovele verhalen worden teruggevonden.

Jan Jaap Kassies

Uitgezonden op: zondag 26 oktober 2014, 10.30u op NPO1

(HER)PREMIÈRE HENKEMANS-VONDST NA BIJNA 80 JAAR

Vrijdag 17 oktober beleefde een onbekend werk van de Nederlandse componist Hans Henkemans (1913-1995) na bijna 80 jaar onopgemerkt in ‘de kast’ te hebben gelegen zijn ‘(her)première’.

Bekijk/Download het Pianotrio van Hans_HenkemansHet betreft het onuitgegeven pianotrio dat hij in 1935 schreef voor violist Ferdinand Helmann, cellist Henk van Wezel (beiden lid van het Concertgebouworkest) en pianist George van Renesse. Het stuk is mogelijk eenmaal ‘voor de radio’ uitgevoerd en vervolgens, zoals vaker, opgeborgen en vergeten.

Door bemiddeling van Jan Jaap Kassies, oud-medewerker van de (in 2013 gesloten) Muziekbibliotheek van de Omroep, is een kopie van het handschrift ter hand gesteld aan pianist-dirigent Ed Spanjaard. Deze bracht in de Grote Kerk te Groede (Zeeuws-Vlaanderen) met zijn Trio Belle Image (verder bestaande uit violiste Emmy Verhey en cellist Lodewijk Spanjaard) een bevlogen uitvoering van het trio.

Spanjaard: ‘Het is een zeer trefzeker stuk; je herkent Henkemans’ persoonlijke klank èn de invloed van Willem Pijper. Het werk is compact, spannend en virtuoos, werkelijk een vondst.’

Op 1 maart 2015 zond het VPRO-programma Vrije Geluiden delen van het pianotrio en een interview met Ed Spanjaard uit:

Dit artikel verscheen recentelijk op de MuDaKo-blogsite.

VRIJE GELUIDEN KOMT SCHATGRAVEN

Gisteravond maakte Muziekschatten-curator Jan Jaap Kassies bekend dat het tv-programma Vrije Geluiden plannen heeft om een serie programma’s te maken met de vergeten muziek in de kelders van het Muziekcentrum van de Omroep.
Kassies sprak al verscheidene malen met presentator Melchior Huurdeman en leidde hem ook langs de kilometers bladmuziek die er in de kasten staat. Die toonde zich geïnteresseerd in en onder de indruk van de enorme collectie. Het grootste deel geeft een directe weerslag van 60 jaar omroepmuziekgeschiedenis (tot het verdwijnen van de radioprogramma’s met live gespeelde muziek).
In zijn programma ontving Huurdeman in eerdere seizoenen regelmatig Frits Zwart, directeur van het Nederlands Muziek Instituut (NMI). Deze bracht dan vaak wat oudere, klassieke muziek van vaderlandse bodem onder de aandacht. De omroepcollectie bestrijkt een veel breder terrein (naast klassiek ook jazz, lichte muziek en hoorspelmuziek).
Aan een gehoor van voornamelijk (oud-)omroepmusici lichtte Kassies de plannen toe in de Media Werkplaats Hilversum, waarop velen aangaven graag mee te willen werken aan uitvoering van de te selecteren stukken.

Een verslag van de muzikale bijeenkomst op 11 juni is te vinden op de website van de Media Werkplaats Hilversum