HET MARIANNELIED

In deze periode zendt VARA/BNN de documentaireserie ‘De strijd’ uit via NPO 2.
Daarin zien wij een aanleiding om dit artikel opnieuw onder de aandacht te brengen.
Het werd oorspronkelijk gepubliceerd in mei 2012.

Op 1 mei wordt al sinds lange tijd De Internationale gezongen, symbool voor de strijd van de arbeidersbeweging voor een betere maatschappij. Strijdliederen behoorden vanaf het begin tot de kern van de VARA-programmering; elke uitzenddag opende en sloot met een lied, veelal gezongen door een koor van de Bond van Arbeiderszangkoren.
Na de verkiezingen van april 1933 trad het kabinet-Colijn aan, dat het gezag wilde herstellen en versterken, en strenge controle wilde op ‘de politiek in de radio’. Dit culmineerde in een rigoureuze beperking op het uitzenden van strijdliederen, om zo de ‘funeste’ invloed van de VARA een halt toe te roepen. Op 17 oktober ontving de VARA een brief waarin uitzending van De Internationale in elke vorm werd verboden. Alleen strijdliederen waarin, zonder de huidige maatschappij te verwerpen, een betere toekomst wordt bezongen, waren nog toegestaan. Het niet lang daarvoor gecomponeerde Solidariteitslied (Voorwaarts en niet vergeten) van Hanns Eisler zou voorlopig niet meer klinken via de ether.
Een ander strijdlied van zijn hand, genoteerd in de maand waarin Colijn aan de macht kwam, lag bijna 80 jaar op ontdekking te wachten in de kelder van de Muziekbibliotheek.
Mariannelied
De Flierefluiters
De Muziekbibliotheek van de Omroep (MB) is ca. 70 jaar geleden tot stand gekomen. Voordien hadden de omroepverenigingen (AVRO, VARA, KRO, NCRV en VPRO) elk een eigen collectie bladmuziek. Doordat de MB-collectie nog niet volledig in kaart is gebracht duiken er de laatste tijd, nu wat intensiever naar het ‘oude materiaal’ wordt gekeken, regelmatig bijzondere zaken uit de pre-automatiseringsperiode (voor 1980) op. Behalve honderden handgeschreven Nederlandse composities bevinden zich daar ook interessante werken van Duitse hand onder. Na de vondst van het Pianoconcert van Hindemith-leerling / Mendelssohn-prijswinnaar Bernard Heiden (totaal onbekend – wie gaat het uitvoeren?) kwam zeer recent het manuscript van het Mariannelied van Hanns Eisler uit een oude VARA-map tevoorschijn. Het gaat om een ‘Bearbeitung eines holländischen Sozialistenmarsches’ voor blaasorkest (incl. piano, banjo en slagwerk), die Eisler in 1933 schreef voor het destijds vermaarde VARA-ensemble De Flierefluiters. Het Mariannelied (oorspr. La Marianne) werd in 1883 gecomponeerd door ene Léon Trafiers – een man over wie zo weinig bekend is dat zijn naam op de Nederlandse uitgave als ‘Frafiers’ staat vermeld.

Door Eisler gedirigeerd
Hanns Eisler, wiens 50ste sterfdag dit jaar wordt herdacht, ontvluchtte zijn geboorteland nadat Hitler er in 1933 aan de macht kwam; iemand die een jaar eerder het Solidariteitslied had geschreven (met Bertolt Brecht) had daar weinig meer te zoeken. Aan het begin van zijn ballingschap deed hij even Hilversum aan; hij was daar in december al eens geweest om, samen met de grote zanger Ernst Busch, mee te werken aan een Oudejaarsconcert voor de VARA-radio, begeleid door De Flierefluiters. Een VARA-medewerker had het tweetal op de trein terug naar Berlijn gezet en gezegd dat ze in geval van nood altijd welkom waren.
Terwijl Ernst Busch nog vele malen voor de VARA-microfoon zou optreden – hij heeft zelfs enige tijd in Nederland gewoond – bleef Eislers aanwezigheid hier beperkt. Dankzij het monnikenwerk van Ad Maatjens – hij inventariseerde voor zijn studie Populaire muziek op de radio 1919-1941 alle muziekuitzendingen verzorgd door de toenmalige radio-ensembles – is bekend dat Eisler op 15 april 1933 het VARA-ensemble De Flierefluiters dirigeerde. Wellicht werd het lied gezongen (in de jaren ’20 was er in de reeks Het opstandige lied een uitgave verschenen met een Nederlandse tekst van P.C. de Ruyter) – vooralsnog is dat niet zeker. De datering die uitgeverij Breitkopf & Härtel toekent aan deze bewerking van het Mariannelied (1933?) kan dus zonder reserve worden aangenomen.
Goed dat Colijn niet een halfjaar eerder aan de macht is gekomen…

door Jan Jaap Kassies

(Bron: H. Wijfjes – VARA, biografie van een omroep)

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in mei 2012 in de serie ‘Uyt den ouden doosch’.
Lees ook:
Handschriften van Hanns Eisler ontdekt

HANDSCHRIFTEN VAN HANNS EISLER ONTDEKT

In deze periode zendt VARA/BNN de documentaireserie ‘De strijd’ uit via NPO 2.
Daarin zien wij een aanleiding om dit artikel opnieuw onder de aandacht te brengen.
Het werd oorspronkelijk gepubliceerd in november 2012.

In de collectie van de Muziekbibliotheek van de Omroep zijn onlangs 18 arrangementen opgedoken die de Duitse componist Hanns Eisler (1898-1962) in de jaren ’30 schreef, onder andere voor het V.A.R.A.-ensemble De Flierefluiters. Een deel van deze werken is 24 oktober jl. uitgevoerd door het Metropole Orkest onder leiding van Werner Herbers en opgenomen in een van de studio’s van het Muziekcentrum van de Omroep, met vocale medewerking van Porgy Franssen.

Hanns Eisler
De handschriften van Eisler zijn arrangementen voor blaasinstrumenten, banjo, piano en slagwerk van strijdliederen als Volk, ontwaak!, de Achturenmarsch, de Internationale en het Marschlied der fabrieksarbeiders. Hanns Eisler – componist van o.a. opera’s, cabareteske liederen en muziek bij de theaterstukken van Bertolt Brecht – ontvluchtte zijn geboorteland nadat Hitler er in 1933 aan de macht kwam. Eisler bracht enkele malen een bezoek aan Hilversum en bekend is dat hij in april 1933 De Flierefluiters heeft gedirigeerd. Na 1933 werd het werk van Eisler door het nazibewind in de ban gedaan.
Eisler_Busch
Werner Herbers
‘Entartete’ muziek heeft de bijzondere belangstelling van hoboïst en dirigent Werner Herbers. Met zijn in 1990 opgerichte Ebony Band heeft hij zich toegelegd op muziek van onbekende en vergeten componisten uit de tijd tussen de twee wereldoorlogen, componisten die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen of componisten die gedwongen waren te emigreren. Werner Herbers reageerde direct enthousiast op de vraag van de Muziekbibliotheek en het Metropole Orkest om deze recent ontdekte muziek van Eisler te dirigeren.

VPRO: ‘Eisler in Nederland’
De Eisler-handschriften van de Muziekbibliotheek komen ter sprake in het VPRO-programma OVT op zondag 11 november.

> Luister naar de OVT-aflevering van de VPRO ‘Componeren voor de VARA: Hanns Eisler in Nederland.’ (vanaf 23’30”). Hierin zijn ook enkele opnamen te horen van het Metropole Orkest.
> Werner Herbers vertelt in Podium over de recent ontdekte handschriften van Hanns Eisler. (vanaf 35’20’’).

Meer informatie via de Facebook-pagina’s van de Muziekbibliotheek:
> Fotoreportage met o.a. Werner Herbers, Porgy Franssen en het Metropole Orkest

Muziekschatten van de Muziekbibliotheek
De enorme collectie van de Muziekbibliotheek van de Omroep is nog niet volledig in kaart gebracht. Sinds enkele jaren wordt vooral het ‘oude materiaal’ intensief bekeken, waarbij regelmatig bijzondere zaken worden ontdekt. Behalve honderden handgeschreven Nederlandse composities, hoorspelen etc. bevinden zich daar ook interessante werken van andere herkomst onder.

Acht van de Eisler-manuscripten zijn gedigitaliseerd. Bekijk ze hier.

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in november 2012 door de Muziekbibliotheek van de Omroep. De muziekbibliotheek is inmiddels ruim twee jaar gesloten.
Meer informatie in dit artikel.
Lees ook: Het Mariannelied

Een aan dit onderwerp gerelateerd artikel van Rutger Schoute in Het Parool (14 juni 1980).
Ernst_Busch_Schoute_Parool_14_6_1980

AND THE BAND PLAYED ON …

Gisteren berichtte De Telegraaf over een veiling waarin een menu van de laatste lunch op het rampschip Titanic tijdens een onlineveiling zo’n 80.000 euro opbracht.
Dat stuk vormt een goede aanleiding om onderstaand artikel opnieuw te publiceren dat bij de 100e verjaardag van de ramp op de MCOMB-website verscheen.

And the band played on…

Op 10 april 1912 vertrok de RMS Titanic vanuit Southampton voor zijn maidentrip naar New York, met 2223 opvarenden aan boord. Op de avond van 14 april hadden de passagiers net hun hutten opgezocht toen het schip om ca. 23.40 uur een ijsberg ramde. Nog geen drie uur later (om 2.20 uur op 15 april) zonk ’s werelds grootste en meest prestigieuze schip naar de bodem van de oceaan. 1522 mensen kwamen om het leven.

Bij de slachtoffers waren ook de acht muzikanten die zorgden voor de muziek op het schip. Violist Wallace Hartley was door het muziekagentschap C.W. & F.N. Black aangewezen als leider van het orkest op de eerste reis van de Titanic. Samen met de firma Black zocht Hartley zijn muzikanten uit, professionals, die gewend waren in kleine ensembles te spelen. In de praktijk werd het achtkoppige orkest (The Band) gescheiden in een trio en een kwintet, die onafhankelijk van elkaar optraden. Voor de meer serieuze muziek (na het diner, tijdens de thee en ook voor de begeleiding van de kerkdiensten aan boord) stond het kwintet ter beschikking (twee violen, altviool, cello, piano) en voor de lichtere muziek bij de veelvuldige dansparty’s het trio (viool, cello, piano). Voor het repertoire werd geput uit een 352 stukken bevattend songbook.

Op het moment dat het schip de ijsberg ramde hadden de muzikanten er een werkdag van 10 uur opzitten. Toen de reddingsboten werden geladen kreeg Hartley van de kapitein de opdracht zijn muzikanten naar het bovendek te roepen. Waarschijnlijk speelde het orkest daar voor het eerst echt samen. De scheepsleiding droeg hen op ragtime-muziek (w.o. Alexander’s ragtime band) te spelen om zo te voorkomen dat er paniek zou ontstaan. Het orkest stond op een ogenschijnlijk veilige plek aan dek en begeleidde als het ware de passagiers naar de reddingsboten. Veel overlevenden verklaarden later dat Hartley en zijn mannen tot het laatste moment bleven doorspelen: ze stapten in de reddingsboten en voeren weg met de klanken van het orkest in hun oren.

Over wat er gespeeld werd in deze laatste momenten verschillen de meningen. Door getuigen worden het meest genoemd: de hymne Nearer, my God, to Thee en de wals Songe d’automne.

Orkesten als die op de Titanic speelden voornamelijk muziek die wij nu omschrijven als salonmuziek. Korte karakterstukjes, dansmelodieën, bewerkingen van klassieke werken en van opera- en operette-aria’s en ook geestelijke melodieën. Bladmuziek van salonmuziek bestaat uit een partij voor de orkestleider en uit losse partijen voor veel verschillende instrumenten. Dit maakte een variabele uitvoering mogelijk, meestal o.l.v. van een violist (viooldirectie) of pianist (pianodirectie).

In de muziekbibliotheek is een rijke collectie salonmuziek aanwezig; ongeveer 500 titels zijn in gedigitaliseerde vorm beschikbaar via muziekschatten.nl. Een substantieel gedeelte hiervan stond op het repertoire van de Titanic Band.

Het lichaam van Wallace Hartley werd twee weken na de ramp uit zee gehaald en naar Engeland gebracht. Daar ligt hij begraven in zijn geboortedorp Colne. Op zijn graf staan de woorden: “Nearer my God, to Thee”.

Links:

• Kijk hier voor een overzicht van in de muziekbibliotheek beschikbare Titanic-muziek
• Luister naar YouTube-opnames in onze Titanic-playlist
• Bekijk de slotscene uit de speelfilm A night to remember (1958) waarin de Titanic Band Nearer my God, to Thee speelt
• In het kader van onze concertvideoserie Muziekschatten in concert nam een vijftal musici van het Radio Filharmonisch Orkest vorige week nummer 114 uit het Titanic songbook op. Bekijk hier de uitvoering die plaatsvond in de muziekbibliotheek:

De muzikanten van de Titanic:
Wallace Hartley (orkestleider), viool
Roger Marie Bricoux, cello
Theodore Ronald Brailey, piano
John Wesley Woodward, cello
John Frederick Preston Clarke, plukbas en altviool
John Law Hume, viool
Percy Cornelius Taylor, piano
Georges Alexandré Krins, viool

Charlotte Sienema